Oost west thuis best!
Lieve mensen,
Over het algemeen en zover ik weet heb ik niet echt veel last van claustrofobie. Toch, nu ik al ruim ander halve maand op dit eiland zit begin ik mij behoorlijk opgesloten te voelen. Het ‘vast zitten' op dit eiland is niet echt fijn. En ook al zit ik niet echt vast, het idee alleen met een boot hier weg te kunnen is niet erg fijn. Even de bus pakken zit er niet in, dus mijn dagen hier op het eiland begonnen mij een beetje in mijn nek te hijgen. Het was tijd om van het eiland af te gaan en weer vrij te ademen.
Geld uitgeven
Het is zaterdag middag. Ik heb de hele ochtend nog wat gewerkt aan mijn onderzoek en tijdens het middag uur ging ik snel naar huis om mijn spullen te pakken. Voordat ik alles had ging ik nog even langs de tweedehands boekhandel en kocht ik maarliefst vier boeken. Heb ik ook weer eens iets anders te doen dan drie keer dezelfde film kijken. Om half vier had ik met Modesto, die eerder weg mocht bij zijn werk, afgesproken en namen we de dure (4$) watertaxi naar het vaste land. Ik was vrij! We namen de bus naar Chianginola waar we ons incheckte in het hotel en vervolgens gingen shoppen. Ja, shoppen! Ik ging helemaal los kocht verschillende shirtjes, een rokje en short. Drie paar schoenen en een spatel. Een riem en wat etenswaren die hier op het vasteland zoveel goedkoper zijn dat het zich loont. Modesto kocht een t-shirt, ondergoed en wat bouwmateriaal voor zijn huis. Daarna nam ik een koude, zeer koude douche en hees mijzelf in mijn nieuw aangeschafte kleren. Modesto ging nog even naar zijn moeder en om 11 uur klopte hij aan mijn deur en gingen we naar een discotheek genaamd Costa Verde. Ik was voor de verandering eens de enige witte en het was een interessante avond. Lekker gedanst: salsa, merengue, bachata, waar ik overigens allemaal erg slecht in ben.
Puur Panama
Zondag werd ik om 10 uur wakker, nog enigszins vroeg na zo een korte nacht, ben ik niet meer gewend. Om elf uur had ik afgesproken met Modesto en ging ik samen met hem naar zijn Tante waar zijn hele familie bleek te zijn. Ze vonden het allemaal erg interessant en ik kreeg van iedereen een zoen. Schattig! Zijn kleine broertje was een beetje bang van hem. Één van zijn neefjes zat mij constant aan te staren en zodra ik naar hem keek moest hij lachen. Zijn jongere zusje van tien kwam met mij praten maar ik weet niet of ze mij totaal niet begreep of gewoon verlegen was om terug te praten. Uiteindelijk wilde ze weten of ik ook broers en zussen had. Ze vond de naam Meol (Merel) erg mooi en bleef het de rest van de middag ongeveer herhalen. Tijdens het bezoek kreeg ik de beste stoel om op te zitten. Ik voelde mij een beetje bezwaarlijk, want het omaatje moest op een houten balk zitten. Maar goed, misschien is dat nou eenmaal gastvriendelijk. Ik kreeg een zakje met vruchten in mijn hand gedrukt door de moeder, de vruchten waren super heet maar weet ik veel. Verbrande ik vol mijn handen tot grote lol van de familie. Ik dus die vruchten opeten die smaakte naar aardappel, niet erg lekker maar ik zei maar: 'si, muy rico'. Ik had de vruchten net verwerkt en ik kreeg een ingevroren passievrucht in mijn handen om te laten smelten en dan op te zuigen, deze wel erg lekker. Maar ik was nog niet eens klaar met zuigen en ik kreeg een bord rijst en bonen en een glas Fanta in mijn handen gedrukt. Het hield maar niet op.
Om twee uur moest ik echter stop zeggen tegen de stroom aan etenswaren en moest ik mijn verontschuldigen. Ik moest aan het werk! Ik nam een taxi terug naar het centrum, daar heb ik even wat luttele minuten rondgedwaald en vervolgens vond ik de taxi's naar Guabito, deze zouden langs San San Pond Sak komen, de plaats waar ik heen moest. Met z'n vieren op de achterbank en met z'n tweeën op de bijrijderstoel zaten we lekker te zweten met z'n allen. Opeens stopte de taxi en de taxi chauffeur zei wat. Ik zat in mijn eigen dromen wereldje totdat de taxi chauffeur mij aantikte en zei dat ik hier moest uitstappen. Enigszins verdwaast betaalde ik de chauffeur en stapte ik uit. Ergens waar ik niet wist waar ik was. Aan mijn linkerkant zag ik in de jungle een dorpje liggen, dat moest dan San San Pond Sak zijn. Aan mijn rechterkant zag ik een groot huis. Voor mij lag een brug. Ik hoorde kinderen schreeuwen en spelen in het water dus ik besloot de brug op te gaan. Er waren inderdaad een stuk of 15 jongetjes aan het spelen in het water. Ze sprongen van een rots. Toen ze mij echter in het vizier kregen kwamen ze allemaal de brug op en moes tik foto's van ze gaan maken. Ze sprongen ook van de brug af want dat was toch wel echt cool. Nog even een groepsfoto schieten en het verkeer op de brug zou ons wel uitwijken ja. Er kwam een schoolbus (die lijndiensten rijden hier) langs en de chauffeur stopte want ik moest ook even een foto van hem in de bus maken. Okey... Ik vroeg de jongetjes of ze wisten of iemand een boot had in het dorp. Ze verwezen mij naar het grote huis ‘oficina' wat ik eerder had gezien aan de rechterkant.
Ik liep op het huis af, er was geen hond en opeens kwamen er mannen vanuit alle richtingen. Ik vroeg één van de mannetjes waar precies de ‘oficina' was. Hij wees naar boven maar vertelde mij dat de baas 'die man met het gele shirt' was. Ik had even met Nelson, de baas, gepraat en vroeg of ik een tour door de moerassen van San San Pond Sak kon krijgen. Dat was geen probleem maar hij moest even een kapitein bellen en de boot in orde maken. Ik werd naar de ‘oficina' geleid en daar werd de enige Engelstalig kanaal op de tv aangezet: American Football, bijster interessant. Ik kreeg ook een stuk meloen in mijn handen gedrukt. Ik zat al helemaal vol van het vreet festijn eerder die dag en ik hou totaal niet van meloen, maar ik at het dankbaar op.
Even later kwam Nelson weer boven en vertelde dat hij de kapitein niet kon bereiken en dat hij daarom mij persoonlijk zou meenemen. Hij moest alleen nog even de motor in het bootje zetten en dan was alles klaar. 'Of ik nog een stukje meloen wil?' 'Nee'.
Toen alles gereed was kon de tour beginnen. Gespannen stapte ik het oude bootje in en vaarde wij weg van San San Pond Sak, weg van de stijger. De rivier genaamd San San heeft pik zwart water en daardoor reflecteerde de bomen langs de kant erop alsof het een spiegel was. Zelden in mijn leven heb ik zo iets moois gezien. Op de kant wisselde loofbomen zich af met spookbomen met eng draad, weiland, koeien, spelende inheemse indianen kinderen, verschillende bomen, wow. Zo mooi! Nog nooit heb ik zo veel verschillende kleuren groen gezien. De zon stond een beetje laag waardoor het licht met alle kleuren speelde. Hier en daar sprongen vissen uit de rivier en bij een stuk mangrovebos kon ik een aantal luiaarden zien hangen. Reigers zaten rustig aan de waterkant en giga grote roofvogels vlogen gevaarlijk over ons heen. Een schilderij van de grootse Van Gogh valt hierbij in het niet. Een foto van de grootse T. Kweekel valt hierbij in het niet. Zo iets moois, zo iets puurs kan je niet vastleggen, helaas. De wind waarde fris in mijn haren en was voor de verandering geen zoute zee wind. Nee een frisse, schone wind die mijn huid deed tintelen. Het geratel van de motor kon het geluid van de natuur niet overstemmen. Vogels floten, water kabbelde en wind blies. Mozart had niets mooiers kunnen componeren. The sound of nature.
Ik voelde mij in en in gelukkig, één met de natuur. Een puur gevoel van eenheid. Alles klopte, alles was perfect. Alles viel op zijn pootjes en ik wist: alles zou goed komen. Ik wilde alles in een potje stoppen zodat ik het zo nu en dan kan openen en dat gevoel van innig geluk en complete perfectie kan terug krijgen. Maar als ik dat had kunnen doen had ik het niet meer zoveel kunnen waarderen. Iets wat je altijd hebt wordt gewoonte en is niet bijzonder meer.
Na tijdje varen door de verbluffende natuur kwamen we op een kruispunt waar de San San zich samenvoegt met de Talamanca en een ander onbekend riviertje. De rivier werd zeer breed en langs de oevers waren zo nu en dan krottige huisjes. Uiteindelijk kwamen we daar waar de San San in de zee uitmondt. We voeren echter verder door wat mangroven bossen en zagen meer roofvogels en vissen. Mijn geluksgevoel kon niet op. Op de terugweg stopte we op het strandje, we stapte uit en liepen een klein stukje het stand op. Het strand was bezaaid met zwerfhout en daardoor mooier dan elke wit palmstrand dat ik ooit gezien het. Het was zo puur, zo echt. Precies zoals God het zou bedoeld hebben als hij de aarde gemaakt zou hebben. Er liepen wat vogeltjes, aangespoelde kokosnoten en ik sprak met Nelson over het toerisme in San San Pond Sak. Niet al te veel. Twee á drie toeristen per twee dagen. En voornamelijk in het schildpadden seizoen waren er veel schildpadden spotters en waren er meer toeristen.
Op de terugweg zagen Nelson dat onze boot was los geslagen door de golfjes van de zee en kleedde hij zich snel uit (niet geheel: blote bast en lange broek, geen schoenen) dook het water in en haalde het bootje terug. Hij viste al zijn eigendommen weer op van het strand die overal verspreid lagen en we begonnen aan de terug weg. Ik hoopte dat het voor altijd zou duren maar de zon begon onder te gaan en het was tijd om een eind te maken aan deze reis door pure en adembenemende natuur.
Terug aan het vaste land bezocht ik het bezoekerscentrum wat niets voorstelde en gaf Nelson zijn gegevens aan mij. Vervolgens stond ik aan de rand van de weg te wachten op een taxi of een bus. Ik had onder tussen behoorlijk dorst gekregen en besloot het dorpje in te gaan voor wat drinken. Ik hoorde weer allemaal kinderschreeuwen en besloot een heuveltje op te lopen. Hier zag ik veel te veel kinderen op een voetbal veld allerlei verschillende spellen spelen. Toen ik werd op gemerkt begon iedereen te joelen en was de lol er vanaf. Ik liep verder het dorp in en vond een winkeltje. Ze waren echter uitverkocht qua drinken dus ik liep verder. Op instructies van een klein verlegen meisje en een oude man die vol trots drie woorden Engels sprak vond ik het winkeltje. Ik kocht wat warme ananassap en besloot maar weer langs de kant van de weg te gaan staan voordat het donker zou worden.
Al snel kwam er een taxi die mij terug bracht naar Chianginola. Daar liet ik mij voldaan in mijn hotelkamer inzakken. Wat een prachtige dag! Opeens werd ik opgeschrikt door mijn telefoon: mijn vriend die in Panama City woont en nu in Chianginola was, of we even iets zouden drinken. Geen probleem. Samen met mijn vriend in Chianginola: Aris en die van Panama: Josier ging ik poolen en het was een gezellige afsluiting van een perfecte dag.
Overstekende bananen
Om negen uur stond ik met zeven op springen staande plastic tasjes en mijn rugzakje. Ik besloot een tas te kopen om alle plastic tasjes in kwijt te kunnen, slim. Daarna stapte ik in een lijn-schoolbus naar Las Tablas. Toen ik aan de grens met Costa Rica niet uitstapte werd ik vreemd aangekeken. Aan de andere kant van het gangpad zat een Indiaanse vrouw in klederdracht. Elke keer lachte ze naam mij en ontblote ze haar tanden die er uit zagen als een zaag. Bah! Naast mij zat een jonge vrouw bij wie haar dochter of zusje door het broertje gebracht werd om bij haar op schoot te zitten. Even een kindje over mij heen tillen. Vervolgens kwam er een jong schoolmeisje op de stoel aan de andere kant van het gangpad zitten. Maar in plaats van vooruit te kijken hing ze haar beentjes in het gangpad en bleef mij maar aanstaren. Eng. Toeristen komen hier niet, dat was mij wel duidelijk. De laatste achttien kilometer (1 uur rijden) waren verschrikkelijk. De weg was gigantisch hobbelig en saai. Bananen plantages tokken extreem langzaam voorbij. Als het niet zo heet zou zijn zou lopen waarschijnlijk sneller geweest zijn. Eindelijk waren we er dan: Las Tablas. Ik rende snel de supermarkt in en kocht wat te drinken. Ik vroeg meteen waar de taxi's waren en volgens de winkel Damen zou er binnen enkele minuten eentje komen voor de winkel.
Ik ging zitten op een muurtje en genoot van de grote verbaasde ogen van jonge en oudere kinderen die hun weg naar school maakte. Maar opeens voelde ik mij wat minder gemakkelijk. Er verzamelde zich plotseling heel veel mannen met laarzen op het pleintje voor de winkel die zich niet geneerde om mij aan te kijken en overduidelijk over mij te praten. Pas toen zes tractoren met een aanhangwagen (+/- zes meter lang) kwam en alle mannen instapte en op weg gingen om te werken op de plantages. Opgelucht zwaaide ik ze uit. Maar ik zat daar nog steeds, nu al een half uur. Uiteindelijk waagde een jonge heer het om een praatje met mij aan te knopen. Toen ik hem vertelde dat ik naar Las Delicias wilde schoot hij in de lach. Hij vertelde dat het ruim twee uur rijden was en ver in de bergen lag. In mijn gids stond dat er een eco lodge in het dorp was, de jongeheer wist daar niets vanaf. Ook vertelde hij dat er in het hele dorp maar twee taxi's waren dus dat het afwachten was wanneer er één zou komen. Gelukkig duurde het niet te lang en kon mijn tocht naar Las Delicias beginnen. Spannend want waar zou ik uitkomen...
Na ander half uur hobbelen was ik er dan eindelijk: Las Delicias. Het stelde minder voor dan niets. Twee huizen en een winkel. Het ligt aan een rivier en aan de overkant is Costa Rica. Ik vroeg de taxi chauffeur of er een hotel was en hij wees mij naar een gebouw, mooi dacht ik! Op dat moment begon het te gieten. Ik ging snel naar het hotel wat geen hotel was, helaas. Dus om even te schuilen en na te denken over ‘wat nu' ging ik naar de winkel waar wel meer mannen stonden te schuilen. Ze luisterde naar mijn verhaal en raadde mij aan om een bootje te pakken naar Costa Rica en daar te overnachten of een bus naar de officiële grens te nemen. Het probleem was, er was hier geen douane. Ik kon dus geen exit- en entry stempel halen met als gevolg dat ik illegaal in Costa Rica zou rondlopen. Volgens de mannen zou er zeker binnen een half uur een taxi komen die mij naar Las Tablas zou kunnen brengen.
Ik overwoog mijn opties. Illegaal in Costa Rica rondlopen zou eventueel extreme problemen kunnen opleveren. En ik ben een vrouw alleen in een afgelegen gebied. Wachten op de taxi zal zeker een half uur duren waarschijnlijk veel meer aangezien ik niet geloofde wat de man zij en een half uur hier altijd op z'n mindst een uur is. Ik wilde ook liever niet hier in Panama in dit afgelegen gebied rondlopen zonder onderkomen als de zon zou ondergaan. Ik besloot tot vijf uur (twee uur) te wachten en dan de tocht naar Costa Rica te maken. Daar, in het dorpje Bribri, zou er zeker een hotel zijn.
De eerste 45 minuten kropen voorbij. Er kwam een klein vrachtwagentje die bouwspullen naar een bouwval achter de winkel bracht. Uiteindelijk regelde de winkeleigenaar dat ik met hen mee zou kunnen rijden tot aan Las Tablas. Opgelucht, ik kon hier weg uit dit afgelegen, lelijke gebied. Met z'n vieren zaten we op de voorbank, ik ingeklemd tussen drie mannen. Gezellig. Na drie derde van de verschrikkelijk hobbelige en oncomfortabele weg afgelegd te hebben begon één van de mannen opeens een partij te vloeken. Ik schrok me een hoedje. Wat bleek, ze hadden een ladder laten liggen en we moesten weer terug over de hobbelige weg. Verschrikkelijk! Weer terug, de ladder ophalen en opnieuw beginnen aan de anderhalf uur hobbelige en oncomfortabele weg. Het eerste stuk was door dorpjes en bossen en heuvels. Het laatste gedeelte was weer door de bananen plantages. Zowel aan de linkerkant als aan de rechterkant waren er bananen plantages. Zodra de bananen van de bomen gehaald worden, worden de trossen achter elkaar aan haken gehangen die vervolgens door een motortje voor uitgetrokken worden naar de controleer ruimte. De controleer ruimtes waren in dit geval aan de rechterkant van de weg met als gevolg dat de linkerkant-bananen over de weg moesten worden getrokken. Ons pech, waren we bijna in Las Tablas was er een slagboom dicht en kwam er een hele rij trossen langs. WE moesten wachten voor overstekende bananen. Heerlijk!
De man in de auto die erg goed Engels sprak vroeg waar ik heen moest. Ik vertelde hem dat ik de bus naar Chianginola zou pakken vanuit Las Tablas. Hij bood mij aan om mee te rijden tot aan Chianginola. Ondanks de oncomfortabelheid van de zitting kon ik dat aanbod niet afslaan. Ik zou zeker een uur eerder in Chianginola aankomen. Ondanks de onverwachte voorspoedigheid van mijn reis kwam ik toch redelijk laat aan in Chianginola. Ik had super honger want ik had de hele dag nog niet de kans gehad om te eten. Ik was moe, zowel lichamelijk van alle hobbels als mentaal. Ik overwoog mijn kansen om de bus naar Almirante te nemen en nog een water taxi in de avond te halen maar ik besloot dat het beter en verstandiger was om een hotel te pakken en te eten. En zo gedacht zo gedaan. Ik checkte snel in en rende nog sneller het hotel weer uit. ETEN. Ik schrokte een bord kip en rijst naar binnen en vervolgens ging ik naar een internet café. Na een uurtje internetten ging ik terug naar het hotel en las ik mijn eerste boek wat zich in Italië afspeelt. Pijnlijk want elke keer als er heerlijke maaltijden beschreven werden kwam er water in mijn mond. Ow, ik zou een moord doen voor een heerlijke lasagne, risotto of een warme vers gebakken ciabatta.
Een persoonlijke tegenvallende dag, een goede dag voor het onderzoek want ik kan dingen uitsluiten.
Oost west thuis best
De volgende ochtend werd ik rond half elf wakker. Ik overwoog: zal ik direct doorgaan naar Boquete en daar intervies gaan afnemen of zal ik naar huis gaan? Ondanks dat ik eerst niet kon wachten om van het eiland af te komen miste ik opeens mijn schattige huisje heel erg. Ik besloot naar huis te gaan.
In de bus van Chianginola naar Alimrante zat ik naast een vriendelijke man die zijn twee jarig dochtertje op schoot had. Hij bleef maar zacht en super snel Spaans tegen mij praten. Ook toen ik zei dat ik niet goed Spaans sprak bleef mij maar ratelen. Ik besloot het dus maar te houden op knikken, lachen en si-no antwoorden. Uiteindelijk besloot de man dat mijn Spaans uitstekend was, ik had geen woord van zijn gebrabbel begrepen.
Eenmaal thuis las ik mijn boek uit wat uitermate spannend was en begon ik met een schema voor de komende dagen. Ik was blij om thuis te zijn.
Leuke weetjes en kleine anekdotes over het leven van Lisan, neem het er dus maar van:
- Dikke oorlel
Mijn linker oorlel is flink ontstoken. Het is ongeveer twee keer zo dik als het normaal zou moeten zijn en het bloed en zo nu en dan komt er ook pus uit. Ja ik weet het, super ranzig en pijnlijk. Opeens viel mijn oorbel eruit en moest ik er een nieuwe in doen. Kots misselijk was ik na de missie. Ik moest echter nog de andere oorbel ook vervangen, nou daarna hing ik boven de pot. Mijn oor helaas is nog steeds dik en bloederig. - Naaien
Samen met Modesto heb ik gister de hele avond zitten naaien. Ja, ik weet het, dit klink nogal slecht maar de gordijnen moest genaaid worden. Niet dat het nu beter klinkt maar ik weet het niet anders te beschrijven. Na ruim twee uur naaien hadden we anderhalf gordijn af. De laatste helft had ik de volgende ochtend nog afgenaaid. Prachtigprachtig! Als het lukt zal ik een foto uploaden! - Wake up call
Ik kon niet in slaap vallen dus ik besloot mijn wekker uit te zetten en uit te slapen. Echter schok ik om tien uur wakker, mijn deur ging open. De zoon van de huis baas kwam opeens binnen en ik lag lekker te slapen. Ik was zo verward en geschokt dat ik helemaal niets van zijn Spaanse gebrabbel snapte. Hij was ook geschrokken en snelde mijnkamer uit. Even later stond de huisbaas aan mijn deur. Na vele excuses legde ze uit dat ze wilde komen schoonmaken en dacht dat ik al weg was. Ik gaf aan dat ik zonder problemen zelf kan schoonmaken. Bizar!
Voortgang van het onderzoek
Zoals jullie eerder gelezen hebben heb ik twee van de drie eventuele locaties bezocht om te kijken wat de mogelijkheden voor adventure excursies zijn. In San San Pond Sak kan er uitstekend kano activiteiten worden uitgezet. In Valle de Talamanca, Las Delicias, zijn er ongetwijfeld mogelijkheden. De weg om er te komen is echter zo bar slecht en lang dat ik dat niemand wil aandoen. Ook het feit dat er geen degelijke grensovergang is, is een groot nadeel omdat de toeristen gedwongen zijn dezelfde weg terug te nemen in plaats van door te reizen naar Costa Rica.
De enquêtes, vermoeiend ik weet het zijn gestagneerd maar staan boven aan de planning. De interviews die ik wil afnemen zijn gereed en ook het contacteren van die organisaties staat boven aan de planning. Mijn derde bezoek aan de locatie nationaal park La Amistad (Wekso) staat nog niet in de planning, ik denk eind deze maand zodat ik meteen mijn bordercross naar Costa Rica kan maken.
Nu ben ik moe en ga ik slapen. Misschien nog even mijn tweede boek lezen over een witte man die zich in de jaren '70 door medicijnen en UV-bestraling tot een neger heeft laten omtoveren om zo te voelen hoe het is om als een neger in New Orleans te wonen. Een toen extreem racistische stad (misschien nog steeds wel). Bizar, interssant en schokkend verhaal. Dus tijd om te lezen.
Liefs,
Lisan.
Reacties
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}