De waterweek.
Lieve familie, lieve vrienden,
Het is weer tijd voor een leesuurtje. Mijn trip door Zuid-oost Azië is in volle gang. Al twee weken weer, ze zijn voorbij gevlogen. Ik ben totaal de dagen kwijt, heerlijk zo een vakantie gevoel! Nu weet ik wel de data dankzij mijn geweldige dagboek, maar de dagen, nee ik ben de weg kwijt. Vandaag ben ik jarig, dat weet ik wel! 20 jaar alweer. Ik begin een beetje oud te worden, gevoelsmatig dan. Maar ik ben blij dat ik teenie-af ben. Want als solo reizigster elke keer moeten vertellen dat je 19 bent is niet echt de bom. Reacties als 'ow, you're just a baby' hoorde ik te vaak, vervelend. Dat zal nu wel veranderen want ik ben 20. Ik hoor nu tot de twintigers. Toch moest ik nog één week als 19 jarige door het leven. Nog één laatste week waar zeker niet elke 19 jarige van droomt. Voor mij was het gelukkig een top week met veel nieuwe ervaringen, mensen, dorpen, tempels, bossen, steden, bedden, bussen en waters. Ja water was wel een beetje de rode draad deze week. Daarom doop ik deze week om in de Nationale Lisan. Waterweek. Tevens was er nog een andere rode draad in deze week genaamd PECH. Pech wist mij wel te vinden deze week, het een en ander is kwijtgeraakt en kapotgegaan. Maar niet getreurd, het was toppie.
Veel lees plezier en persoonlijk hoop ik dat de foto's snel volgen...
8 Juni - Wat een grap!
Mijn plan om ‘s ochtends naar een processie van monniken te gaan kon ik niet voltrekken. Mijn wekker ging om 5 uur af, maar ik kon het niet aan. Draaide mij om en sliep verder tot half acht. Ik raakte aan de praat met een Australische broer en zus (Clive en Sarah) die een boottocht over de Mekong zouden maken om zo de tempels aan de andere zijde, de beroemde watervallen en een potterij dorpje te bezoeken. Ze vroegen of ik mee ging. Na even wikken en wegen besloot ik maar voor de verandering mij eens sociaal op te stellen tegenover andere reizigers en nam ik het aanbod aan. Bij ons voegde zich nog twee giga dikke Nederlanders en een zeer knappe oude man uit de UK. Ja, ook oude mannen kunnen zeer knap zijn. Onze gids, Mr. Thongi (enig) sprak zeer goed Engels en in tegenstelling tot de meeste Laotianen sprak hij open over de oorlog. Want dat de USA flink tekeer gegaan is in Vietnam, dat weet iedereen. Maar dat ook Laos en Cambodja flink onder vuur lagen is iets minder bekend. Laos is zelfs werelds meest gebombardeerde land te wereld. In de behoorlijk is er maarliefst één derde van de bevolking omgekomen en zakte de populatie van 3 miljoen inwoners naar 2 miljoen inwoners. Te gek voor woorden. Één derde.
De longtail boot van Mr. Thongi kapseisde bijna toen de dikke Nederlanders instapte. Dood eng! De Mekong staat niet echt bekend om zijn schone water. En de stroming zag er ook behoorlijk hard uit. En de Mekong houd van mensen en verslind er zo nu en dan een paar. Al snel zaten we midden op de immense rivier. We voeren naar de overkant waar Mr. Thongi ons aan land liet over zijn plankje. Hier konden we twee tempels bezichtigen. Een tempel krijg je echter niet zomaar te zien, nee je moet er wel wat voor overhebben. De trappen keken ons lachend te gemoed, en het was al zo heet zo vroeg op de ochtend! De ene tempel was zeer mooi en had prachtige oude muurschilderingen. Heel mooi! De andere tempel was gewoon een zo goed als niet onderhouden krotje, maar lag op zo een goede plek dat het uizicht over de Mighty Mekong magnifiek was.
Onze volgende stop zouden de watervallen zijn. Na een klein uurtje varen, heerlijk briesje in m'n gezicht, kwamen we in een heftige regenbui terecht. Iedereen ging schuilen in het kleine hutje bij kapitein Mr. Thongi, met uitzondering van de dikkies natuurlijk, want de ruimte was beperkt. De dikkies verplaatste zich wel, dus dat was behoorlijk adem inhouden... Wat een geschommel. Eenmaal aangemeerd was de regen weer opgehouden. Inde laadbak van een pick-up werden wij naar de waterval gebracht. Ik wist niet wat mij overkwam. Drie touring bussen, ontelbare tuk tuks en een gigantisch toeristen troep verkoopdropje bij de entree van de waterval. O God, waar ben ik in beland.. In de stroom van mensen werden we lang een beren opvangcentrum voort geduwd. Geen tijd om stil te staan want je voelde de volgende zwetende toerist al in je nek hijgen. Meteen door naar de waterval dus. Het water, blauwer dan blauw, was echt blauw! Zo blauw dat het bijna pijn deed aan je ogen. Echt blauw! Het was behoorlijk druk, maar het viel eigenlijk nog wel te overzien. De natuur was fenomenaal. Overal waren plateaus die zich vulde met water. In de ‘hoofdplateau' waren mensen aan het zwemmen, kon je van een waterval afspringen (+/- 4 meter) en hadden ze een slinger aan een boom gemaakt zodat je jezelf het water in kon slingeren. Na even de kat uit de boom gekeken te hebben hees ik mijzelf ook in mijn bikini en ging ik ten strijde. Helaas was ik mijn bikini onderkantje vergeten, maar dat weerhield mij niet het enigszins koude water in te duiken. Om maar meteen erin te duiken nam ik mijn eerste duik samen met Mr. Thongi en de Australiërs van de waterval. Heerlijke verfrissing. Vervolgens moest ik ook nog even slingeren. Dus ik hees mijzelf het water weer uit (het moeilijkste van het hele verhaal) klom de boom in en reikte uit naar het touw. Adembenemend. Iedereen was in volle spanning. Weer iemand die gaat slingeren. Het hele Chinese publiek zat op het puntje van hun stoel. Vol spanning. En daar ging ik. Met een prachtige sprong hing ik aan het touw. Het touw was glibberig, langzaam voelde ik dat mijn handen weg gleden. Het touw gleed tussen mijn handen uit en voordat ik het wist was ik aan mijn val begonnen. Tot groot vermaak van de Chinezen en al het andere publiek belande ik vol plat op mijn buik. Toen ik weer boven water kwam lag serieus iedereen dubbel, wat een grap... Mijn buikje voelde ik wel een beetje maar al snel was ik weer in top vorm. Samen met de groep (m.u.v. dikke vrouw) klommen we met z'n allen de waterval op en besloten we op 1-2-3 gezamenlijk naar beneden te springen. Ik besloot een typische AJ (mijn vader) grap uit te halen en op 3 bleef ik netjes staan. Wederom tot groot vermaak van de Chinezen en overig publiek (en mijzelf). Wat een domme grap.
Na het spring en zwemfestijn gingen we naar de echte waterval, want er was nog meer. De plateaus gevulde waterbekken waren echt wonderschoon. Zelden zo iets moois gezien, je wilde het gewoon vastpakken maar dat kon niet. Foto's schieten tekort. Je zou er dagen kunnen zitten zonder je ook maar één minuut te vervelen. Het is in ieder geval duidelijk waar de tropische zwembaden hun inspiratie vandaan halen. De waterval waar het eigenlijk allemaal om draaide was na al het natuurschoon een zware tegenvaller. Ja het was een waterval, het water viel zo'n 10 meter naar beneden, mooi. Hier mocht je eigenlijk niet zwemmen maar Mr. Thongi wilde graag met mij op de foto op een rots ergens in het waterbekken ervoor. We liepen (waggelde) daarheen en de Australiërs volgeden snel. Daar stonden we dan, we vroegen aan Mr. Thongi of we daar konden zwemmen en voordat we het wisten lagen we allemaal weer in het water. Het was echt gaaf. De stroming van de waterval was enorm maar met het vasthouden aan stenen konden we tot achter de waterval zwemmen. We namen weer een aantal sprongen en zaten onder de waterval. De kracht van het water was zo sterk dat als je zonder handen zwom het water je kopje onder drukte. Meesterlijk! Maar tevens ook zwaar vermoeiend. Het grappigste was dat iedereen de waterval op de foto zette. Normaal heb je een mooie foto, zonder mensen. Maar in die periode dat wij daar waren stonden we op elke foto! Wij werden in één klap beroemd. Vermoeid door de stroming hezen wij ons weer uit het water. We aten wat in het toeristisch troep dorpje en klommen weer in de pick up.
In de boot was iedereen stil, moe. Na een uurtje varen gingen we nog naar het pottenbakker dorpje. Viel erg tegen. Sloeg eigenlijk nergens op. Behalve de oven en de vele kindjes die ons klei stukjes wilde verkopen was er niets te zien. We zaten dus snel weer in de boot naar Luang Prabang. Hier moest ik in top snelheide naar het hostel, mijn spullen pakken en een tuk tuk in. Op naar de nachtbus naar Vientiane.
Om 18.00 uur vertok mijn nachtbus naar Vientiane, de hoofdstad van Laos. Het werd een helse rit met weinig slaap. De man naast mij had zijn tas tussen hem en het raam op zijn stoel gezet met als gevolg dat hij half op mijn stoel zat. Erg fijn. Ik was zo moe na deze dag, maar slapen zat er helaas niet in.
9 juni - Internet
Rond de klok van zes kwam ik aan in de hoofdstad van Laos, een twaalf uur durende rit achter de rug. Het regende pijpenstelen en het leek ook niet enigszins snel op te houden. Ik was kapot. Checkte mij in, maar er was pas om 11.00 uur ruimte voor mij. Ik ging naar een bar waar er Wifi internet was, deed wat werk en zat mijn tijd tot elven uit. Ik overlegde met mijzelf mijn plan van aanpak: Of even een uurtje powernap en dan de stad in, morgen naar Pakse. Of slapen tot ik wakker worde lekker relax en morgen de stad in en dan met de nachtbus (risicovol) naar Pakse. Ik besloot voor optie twee, even lekker uitrusten. In het hotel viel ik bijna direct in slaap. Rond 15.00 uur werd ik wakker en was het opgehouden met regenen. Liep een klein rondje in het niet al te interessante centrum. Ik weet eigenlijk niet helemaal wat ik gedaan heb maar rond 19.00 uur ging ik even dineren in een veel te duur (3,40 euro) restaurant. Daarna zo'n drie uur in een internet café geweest voor maar 1 euro (dat is het betere werk). Geskyped met Obie, het thuisfront en gechat met Louisannnn.
's Nachts, op weg naar het hotel benaderd door een prostituee en een drugsdealer. Beide afgewezen.
10 juni - Hollands Next Topmodel
Na een goede nacht checkte ik uit, liet mijn bagage echter achter in het hotel en ging een scooter huren. Hiermee zou ik het goedkoopst de stad kunnen bezichtigen en een beetje scooteren vind ik altijd wel leuk. Echter was het hier in de stad wel even een andere koek. Super chaotisch verkeer, drukte, slechte bewegwijzering en een redelijk slecht wegdek zorgde ervoor dat ik op en top alert moest zijn wilde ik mijn reis nog een vervolg geven. Eerst heb ik een beetje doelloos rondgereden om de smaak van de stad een beetje te pakken te krijgen en aan de rijstijl te wennen. Vervolgens reed ik vol zelfvertrouwen naar de Arc de Triomphe van Vientiaine, de Patuxia. Ja, was wel guitig om even gezien te hebben. Niets bijzonders eigenlijk. Je kon er ook nog opklimmen, dat deed ik dus mooi even. Het uitzicht over de stad was GE-WEL-DIG, het was echter jammer dat de stad zo saai was. Deze bezichtiging moest één van de highlights van de stad zijn, een tegenvaller. Wat ik persoonlijk wel erg leuk vond was het verhaal achter de Patuxia. Deze is namelijk gebouwd met cement dat de Amerikanen aan Laos geschonken hebben na de oorlog om hun vliegveld weer op te bouwen. Vette terror op de Amerikanen, daar hou ik van!
Toen ik terug liep naar mijn scooter kwam er een enigszins hysterische Aziatische vrouw naar mij toe. Of ik met haar en de Patuxai op de foto wilde. Na, voor mij natuurlijk geen probleem is ik poseerde vrolijk met het vrouwtje voor het gebouw. Het Thaise echtpaar vond het helemaal geweldig, naja, het zal allemaal wel dacht ik erbij.
Ik vervolgde mijn tour-de-Vientiane in de richting van het nationale monument van Laos dat zowel symbool staat voor de soevereiniteit van Laos als het buddhisme, de Pha That Luang. Een gigantische gouden Stupa en een prachtige perfect onderhouden tempel complex. Het zag er allemaal erg mooi uit. Maar in tegenstelling tot de oude, half vergane tempels vertelde dit nauwelijks een verhaal. Moderne beschilderingen en prachtig bladgoud overal waar je keek, mooi maar het had niet echt een charme.
Ik was snel uitgekeken en dacht bij mijzelf ‘wat nu?' Een derde highlight van Vientiane is een fonteinen park maar ik wist bij god niet waar dat was. Ik besloot dus een beetje rond te rijden, doelloos en wie weet wat ik tegen kom. En wat kwam ik tegen? Veel armoede in de buitenwijken van de stad, een super grote markt en een mooie tempel (ook nieuw). Uiteraard kwam ik weer terecht bij een militair terrein en werd ik bozig weg gestuurd. Ik besloot om er maar mee te kappen. Veel moois was er niet te zien en al dat lelijk, daar had ik genoeg van. Ik keerde om en reed terug naar de hoofdweg, langs de markt en de armoede. Om de plaatselijke economie wat te stimuleren ging ik ergens lukraak eten. Het was, thank god, lekker. Ik trok echter veel bekijks, want toeristen in de buitenwijk is denk ik een klein wondertje.
Terug on the road stopte ik bij een willekeurige tempel. Ik keek even rond en al snel werd ik geroepen door een zeer macho type monnik. Ik wist niet eens dat die bestonden, maar goed. Ik ging even met hem praten maar vond hem meer vervelend. Echt een MMA (Monnik Met Attitude). Twee andere, niet Engelssprekende monniken kwamen erbij zitten. Één vroeg via de MMA of hij met mij op de foto mocht. Raar, normaal nemen de toeristen miljoenen foto's van de monniken en nu wil er één met mij op de foto! Wat een eer, zeker dus. Vervolgens kwam nog een niet monnik die wel in het tempel complex woonde erbij zitten. Sprak zeer goed Engels en heb een hele tijd met hem gepraat over zijn en mijn cultuur, over koetjes en kalfjes, over reizen en geld. Noem maar op. Was zeer gezellig.
Toen was het weer tijd om te gaan. Even snel mijn e-mail checken, mijn rugzak pakken en wachten. Wachten op een tuk tuk die mij naar mijn ergste nachtmerrie zou brengen: een nachtbus. Vol tegenzin in een slechte nachtrust ontving ik gelaten mijn kaartje. Ik wierp er een snelle blik op en tot volle verbazing zag ik ‘Bed Nr.' staan. Bed nummer? BED? Niet stoel maar BED? Krijg ik nou een bed in de bus? Of zitten ze mij blij te maken met een dode mus? Ik beloofde mijzelf om me niet al te veel op te jutten in de hoop op een bed. Maar eenmaal aangekomen in het busstation kon ik mijn geluk niet op. Ik had een BEDBUS! Woooooohoooo! Ik kon het bijna niet geloven. Ook was het zo rustig in de bus dat ik een voor twee personen bedoeld bed voor mij alleen had.
Langzaam hobbelde de bus mij in slaap. Twee vreselijk bizarre dromen konden mijn heerlijke nacht niet verstoren. Wat een heerlijke nacht!
11 juni - Steentjes kijken
Opeens stopte de bus, ik ontwaakte abrupt en zonder een waarschuwing waren we aangekomen in Pakse. Hier kon ik nog anderhalf uur wakker worden totdat mijn vervolgbus naar Champasak zou vertrekken. Na vertrek was ik binnen een uur in Champasak, tenminste de busmannen dwongen mij half om uit te stappen. Dat deed ik dus ook braaf en daar stond ik dan midden in een dorpje dat topografisch niet Champasak kon zijn want het moest aan de andere kant van de Mekong liggen. Gelukkig kwam er al snel een oud vrouwtje naar mij toe gewaggeld die gebaarde dat ik haar moest volgend. Deed ik dus ook maar netjes en zij bracht mij naar de haven. Hier moest ik op een pondje die mij naar de overkant bracht, daar waar inderdaad Champasak lag.
De veerboot is overigens erg leuk. Tussen twee longtailboten zijn planken bevestigd met links en rechts van de boten twee ophaalbruggen die niet worden opgehaald. De boot vaart met de punten vooruit en de ophaalbruggen naar de zijkant, alle auto's staan dus ook met de neus naar de zijkant. Echt raar, soms raakte ik een beetje mijn oriëntatie kwijt. De natuur was hier overigens prachtig. Zo nu en dan een hoge platberg. Erg gaaf. Op de pont stond een tuk tuk met vier (Franse) toeristen. Ik kreeg van hen een gratis lift naar het centrum van Champasak (4-5 km).
Mijn hotelkamer was geweldig. Ik had een balkon met uitzicht op de Mekong. Beter kon gewoon echt niet. Eerst even genoten van de prachtige vergezichten en vervolgens door het heerlijk kalme en toeristenloze dorpje gelopen. Het zweet liep mij al snel met straaltjes over mijn rug. Wat een gigantische hitte en wat een verschil met het noorden. Het is hier veel vochtiger en heter, pfffffff... Mijn plan om een fiets te huren om naar de ruïne tempel Wat Phu Champasak te gaan ging wegens de hitte ook niet door. Ik besloot de 11 kilometer per tuk tuk te overbruggen. De ruïne tempel Wat Phu Champasak staat op de UNESCO werelderfgoed lijst en hebben als blauwdruk gediend voor het wereldbekende Angkor Wat.
Nog voordat ik bij de entree van het complex was aangekomen begon het te hozen. In tegenstelling tot mijn normale tempo bleef ik extreem lang in het museum hangen. Hier hadden ze allerlei stukken tempel uit de regio verzameld uit oudere tijden. Het bleef echter maar gieten dus ik besloot maar nar het tempel complex te gaan. Even een paraplu gehuurd en nog voordat ik überhaupt bij de stenen aankwam was het weer droog. Heerlijk onvoorspelbaar.
De ruines waren mooi. Ja, een stel mooie stenen, schots en scheef. Overal lagen stenen eigenlijk. Het was wel een mooie ruïne. Drie delen waren nog tamelijk goed in tact en dat was zeer mooi. Het complex bestond uit zes plateaus, om van de een naar de andere te komen moest je uiteraard weer wat trappen bestijgen (of afdalen). Door de jaren heen zijn de treden echter compleet verzakt en is het een ware uitdaging om naar boven te klimmen. Op het bovenste plateau stond nog een tempel. Het was de super dure entree van pakweg 3 euro zeker waard. En 3 euro is zeker duur, dit is geen sarcasme.
Terug in het dorp ging ik dineren op een geweldig hangbalkon boven de Mekong. Ik belde even met het thuisfront. Het uitzicht was fenomenaal. Aan de overkant van de Mekong ontstond een gigantische paddenstoel onweer wolk. Zeer groot en nog meer indrukwekkend.
Toen het begon te schemeren en ik gek werd van de mieren op mijn balkonnetje ging ik naar binnen. Hier was echter een zeer brutale mug aanwezig die mij binnen 10 minuten zo een twaalf muggenbeten gedoneerd heeft. Fijn. Ik haalde mijn hele rugzak overhoop, echt mijn hele rugzak uitgepakt op zoek naar de muggenwerende spray. Kom ik tot de conclusie dat ik mijn pyjama in Vientiane heb laten liggen en dat die spray er ook niet meer is. DRAMA dus. Ik het hele dorpje doorgestruind, elk winkeltje in om te vragen naar muggenspray. De helft van de verkopertjes begreep mij volgens mij niet en de andere helft had het niet. Ik werd van het kastje naar de muur gestuurd maar muggenspray was ver te vinden. Uiteindelijk kon ik een half leeg flesje bij een guest house kopen. Voor veel te veel geld, maar wat moet je?
12 juni - Ondergedompeld
Volgens de hotel eigenaar moest ik om 08.00 uur klaar zitten voor de lokale bus die mij naar de pont en vervolgens naar de kruising zou brengen waar ik op de bus richting 4000 Islands moest overstappen. Toen de bus (lokale bus = vergrote tuk tuk) om 08.30 eindelijk langs kwam was hij stampens vol. Ik kon helaas niet communiceren met de bestuurder en besloot dus maar weer te gaan zitten en wachten, wat ook anders? Hopend op een andere bus kwam er plotseling een tuk tuk aan met de man die mij de avond ervoor muggenspray verkocht had. Ik snapte niet helemaal wat hij zei maar blijkbaar zou de bus op mij wachten op de pont en zou er dan wel plaats zijn. Ik geloofde het niet helemaal en snapte er ook een beetje de ballen van maar ik stapte maar in. Beter kom je ergens dan zitten wachten in de STINKEND hete zon. Op de pont stond inderdaad de bus te wachten en was er nog 1 van de jonge jongens uitgestapt om voor mij plaats te maken. Vier knapen hingen nu achter op de mega tuk tuk. Wat een gentleman. Maar deze gentleman konden hun ogen niet van mij afhouden en bleven maar schaapachtig naar mij lachen. Ik lachte leuk terug.
Op de kruising werd ik gedropt en raakte ‘aan de praat' met een monnik die geen Engels sprak. Even later kwam er nog een maatje grotere tuk tuk aangesjeest en dat was mijn bus. Ik propte mij met enige moeite tussen de lokale bevolking en hun bagage. De bagage was overigens het meest interessant en zeer uiteenlopend. Van een zonnepaneel tot aan een biggetje. Van weer ik hoeveel kilo rijstzakken tot aan dode vissen in een stinkbak. Van bezems en MS5 (emmers) tot aan verkoopspullen voor op de markt. Te goed!
Toen ik instapte keek iedereen mij met grote ogen aan. Ik dacht ‘laat ik ze maar netjes groeten' dus ik riep vol: 'sabai-dee'. Niemand reageerde. Erg knus zaten we schouder aan schouder. We reden best hard en tot grote irritatie zat de dikke vrouw tegenover mij, mij ongeveer contant aan te staren. Elke keer als ik haar onbeschofte staarblik kruiste met mijn blik, gaf ze weer een domme lach. Om gek van te worden. Dus ik dacht: laat ik even kijken op ze Engels spreekt. Niet dus maar toen wij ‘spraken; keek iedereen verschrikt op.
De weg was grotendeels geasfalteerd maar een aantal delen waren natuurstraat. Ook wel rode zand weg genoemd (door mij). Het zand stoof op als de neten en hierdoor kreeg ik een prachtige roodbruine huidskleur die helaas met een aantal vegen enigszins af te wassen was. Helaas moest ik wel een douche nemen omdat ik toch mijn eigen kleurtje mooier vind.
Met een bootje moest ik naar het eiland Don Det. Hier checkte ik in, in mijn privé bungalowtje (hok met bed) hangend boven de Mekong. De Mekong is hier overigens een stuk minder spectaculair omdat hij contant onderbroken wordt door eilandjes. Ik nam direct een douche en spoelde de rode gloed van mijn lichaam (ja ook op mijn buik zat het door mijn T-shirt heen).
Kort daarna zag ik de twee Australiërs, Clive en Sarah, lopen die ik eerder in Luang Prabang ontmoet had. Ze wilde net gaan Tuben. Dat is in een rubberen ringband (tube) zitten den de Mekong afdobberen. Of ik ook mee wilde? Naja, ik had verder toch geen plannen, dus ja.
De Mekong is erg vies. Het is misschien de levensader voor veel inwoners van de Mekong landen, maar westerse afweersystemen zijn niet tegen zijn smerigheid opgewassen. Al mijn waardevolle spullen (paspoort, fototoestel en portemonnee) deed ik in de waterdichte zak van Clive en binnen no time zaten we in een bootje dat ons de stroom opwaarts de Mekong op bracht.
Het vieze maar desalniettemin heerlijk verfrissende water vormde zich als een deken van koeltje om mij heen. Heerlijk! Langzaam bracht het ons terug naar de eilanden Don Det. Al moesten we op het eind wel erg hard zwemmen om niet door de stroming meegenomen worden verder de 4000 Islands in. Vanaf de kust en vanaf de vele vissersbootjes zwaaide Jan en alleman naar ons. Schattig! Eenmaal terug bleek dat de waterdichte zak toch niet zo waterdicht was als geplant. De schade bleef ook alles behalve beperkt. Camera kapot, paspoort zeiknat en zo ook mijn geld. Godverdegodverdegodver.
Met z'n 4en (Sarah, Clive en Clive z'n tijdelijke vriend) gingen we een hapje eten en een drankje nuttigen. Daarna gaan slapen.
13 juni - stilte voor de storm
Op Don Det en in Champasak zijn er geen pin automaten. Iets waar ik zeker rekening mee had moeten houden want mijn voorraad aan Kip dreigde op te raken. Hierdoor was ik gedwongen om vandaag helaas niets te ondernemen Clive en Sarah gingen op een boottour en ik besloot mijn dag te vullen met lezen, schrijven en lekke in de hangmat liggen. Erg relax. Wel goed ook want uti verhalen van andere reizigers wordt Cambodja tien keer zo druk en hectisch (que verkopers die je willen uitbuiten als toerist) dan Laos.
's Avonds ging ik eten met Clive en Sarah en Clive zijn tijdelijke vriend. Vervolgens gingen we met nog wat meer reizigers een biertje drinken (Beer Lao, erg lekker vind zelfs ik) Ik kreeg van Clive en Sarah een ijsje als vroegtijdig verjaardagscadeau en ze heb ben nog even voor mij gezongen. Erg tof!
Om twee minuten voor twaalf werd ik gebeld door AJ en vervolgens kreeg ik een mysterieuze vrouw aan de lijn. Het was NICOLET! Wat geweldig. Vervolgens werd ik ook nog gefeliciteerd door Marcel, Muddie en Merel (3M). Ondertussen vloeide het bier vrolijk door en ik vond mijn 20ste verjaardag een goede reden mijn alcoholstop even kort op te heffen. De vieze joints sloeg ik echter netjes af. Later in de nacht werd ik nog gebeld door Grossmuttie en Ties. We hebben de eerste helft van de wedstrijd Australië - Duitsland nog gezien en toen moe maar voldaan m'n bed in geploft. Wat een nacht.
Mijn 21ste levensjaar is van start gegaan.
14 juni - Changing plans
Om 07.00 uur ging mijn wekker, enigszins brak pakte ik al mijn spullen en stond ik om 08.00 klaar voor vertrek in de haven. Het duurde een eeuwigheid voordat het bootje ging varen omdat acht reizigers inclusief 8+ backpack's toch iets te veel van het goede was. Na ongeveer 30 minuten overleg tussen de hoge pieten van het bootvervoer werden een aantal backpacks en passagiers overgeladen op een ander bootje. Dat had ook in tien minuten gekund.
Eenmaal aan de overkant was het even wachten totdat de bus vertrok. Ik had een kaartje voor tot aan Phnom Phen, de hoofdstad van Cambodia. Ja vandaag ga ik naar Cambodiaaaaa! Eenmaal aan de grens moesten we 2 dollar exit geld betalen. Vervolgens kwam ik langs een post waar je een gezondheidsformulier moest invullen. Opeens kreeg ik een pistoolachtig ding tegen mijn hoofd, dus ik schrok op. En de officiers lachen als idioten, want blijkbaar was het alleen om mijn temperatuur op te meten. Uiteraard was ik erg HOT want in deze temperaturen is het moeilijk om je hoofd koel te houden. Ook dat was een dollar smeergeld. Vervolgens naar het visum cabinetje en mijn visum gehaald, cool! Mijn eerste visum ooit.
De bus stond al klaar om te gaan toen ik door alle rompslomp en afkoperij heen was. Op de bus was er een bus jongen die enorm grappig was en goed Engels sprak. Hij hielp toeristen met vragen maar omdat ik vandaag jarig was had hij een speciale (dood normale) plek voor mij gereserveerd. Hij kwam vervolgens naast mij zitten en we hebben de hele rit gepraat. Hij kwam uit Kratie en bood mij aan daar een scooter tour te maken met hem. Kratie was sowieso een stop in mijn planning maar die was veranderd omdat ik graag een nieuwe camera wilde kopen. Mr. Lucky (zijn naam) wist mij echter over te halen dus ik stapte uit in Kratie. Checkte in in het hotel, deed een dutje en een douchje en werd vervolgens opgehaald door Mr. Lucky en zijn scooter.
De omgeving was fenomenaal. Eerst reed hij mij langs boerderijen en akkerland, prachtig. Prachtig! De lucht was ook zo blauw en het gras zo groen. Het was werkelijk adembenemend. Vervolgens reden we een stuk langs de Mekong, bijna nog mooier. De weg lag op een dijk and aan weerszijde liepen loopplanken naar huizen. Ook geweldige huizen. Het is een beetje moeilijk te beschrijven maar het was meer dan de juiste beslissing dat ik uitgestapt was. Ja, ik zeg het nog één keer: wat een prachtige omgeving! Tot nu toe echt een hoogtepunt van mijn reis. 's Avonds at is samen met Mr. Lucky een heerlijk Cambodjaans avondmaal en speelde we een kaartspel.
Daarna ging ik naar bed. Het beloofde een goede nacht te worden, het werd een horror nacht.
Een kleine twee weken Laos, wat vind ik er nou van?
Het land Laos zit erop. Prachtig land, de mensen uitermate vriendelijk (en schijnheilig met dat domme gelach), de natuur wonderschoon en zeer afwisselend. Bergen, heuvels, rijstvelden, plattenland. De Mekong, de machtigste rivier van allen. De bouwstijl van de huizen is magnifieke en het toeristisch gehalte is goed te overzien. De vele watten (tempels) en stupa's blijven fascinerend en de Monniken vind ik geweldig.
Het prijspijl was om melig van te worden. Levensonderhoud kost hier niets en het was fijn om miljonair te zijn. De accommodatie viel mij mee al werd het, naarmate is zuidelijker kwam, toch iets minder. Het zelfde geldt voor het insectengehalte. In het noorden nauwelijks last van ongedierte, in het zuiden toch veel meer.
Het openbaar vervoer was erg wisselvallig. De ene keer was het een nieuwe bus met goede airco en been ruimte, maar de volgende keer had je een krot bus waar je benen (ja, zelfs de mijne) het gangpad moesten vullen. De slechte wegen vielen mij wel tegen, maar ik heb vernomen dat ze op de weg tussen Luang Prabang en Luang Namtha (de ergste hobbelweg aller tijde) aan het bouwen zijn. Mooi, want dat is wel erg nodig.
Het niveau van Engels van de Laotianen is eveneens zeer wisselvallig. Het viel mij eigenlijk een beetje tegen, want ik had wel verwacht dat meer mensen Engels spraken. Of in ieder geval meer dan ‘wer ju from?' Maakt het reizen wel uitdagender! De laotianen zelf, ik ben er geen groot fan van maar ze vielen me ook niet tegen. Ze waren een beetje saai, ook diegene die Engels spraken waren niet echt open en gezellig. Toerisme is uiteraard nog erg jong daar.
Of Laos aan mijn verwachtingen voldeed? Meer dan dat. Laos heeft mij zeer goed bevallen. Het rustige leven hier en (ter herhaling) de geweldige landschappen en fotogenieke bamboe huisjes hebben mijn positief verrast. Met de Mekong als levensader stomend door het land, heeft Laos zeker een plekje verdiend in mijn TOP-bestemmingen lijstje.
Dit was het dan voor deze week. Foto's zijn er nog niet zoals jullie begrijpen. Ik ben druk bezig met een nieuw camera kopen en zal asap de fotos erop zetten.
Veel liefs vanuit Cambodia,
Lisan
Reacties
Reacties
Lieve Lisanne, heerlijk om 's ochtends vroeg zo'n reisverhaal van jou te lezen. Nogmaals gefeliciteerd en maak er een geweldig jaar van! Vervelend dat je camera kapot is. Was je paspoort nog wel bruikbaar en je geld? Al die nieuwe indrukken en contacten, geweldig, maar ook doodvermoeiend. Hoe lang blijf je eigenlijk weg? Nou lieve schat, blijf genieten en griezelen, want dat gaat bij jou hand in hand! Heel veel liefs van mij en natuurlijk ook van Jaap.
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}